Martin Huisman: 32 jaar beroepsmilitair, nu ervaren roostermaker

Martin Huisman: 32 jaar beroepsmilitair, nu ervaren roostermaker.

Voordat hij in augustus 2019 als cursist aan de opleiding tot roostermaker bij Omix begon, heeft de 56-jarige Martin Huisman een carrière van 32 jaar als beroepsmilitair achter de rug. Van de harde wereld als officier bij de luchtmacht naar de zachte kant van het onderwijs, wat neem je mee aan eigenschappen? “Vooral de vastberadenheid.” 

Tekst: Henk-Jan Winkeldermaat
Fotografie: Punkmedia
Gepubliceerd in april 2021

“Ik denk dat ik door mijn achtergrond, maar zeker ook door mijn werkervaring weet dat als een besluit eenmaal is genomen, we vasthouden aan dat besluit. Als roostermaker geldt dan dat niet voor elk wissewasje het rooster wordt veranderd. Als senior professional kan ik wat makkelijker nee zeggen.”

Je moet flexibel zijn, weten wat er speelt, sociaal zijn en goed met mensen om kunnen gaan. Jij hebt door je leeftijd van nature wat meer gezag. Zijn er punten die je extra belangrijk vindt? 

“Communicatie en empathie. Goed communiceren en vooral daarna goed door blijven communiceren is belangrijk. Corona maakt dat wel lastiger: bellen en videobellen is toch anders dan fysiek even overleggen op de koffiekamer of in een kantoor. Dat schakelt veel sneller. Je hoort van elkaar wat er anders moet en je regelt het. Empathie is ook een voorwaarde voor dit vak. Als ik een besluit of spelregel meekreeg, bleef ik daarover in gesprek met de betrokkenen.”

“Je hebt oudere docenten die inmiddels goed weten hoe het werkt met het rooster. Terwijl je bij nieuwe docenten merkt dat ze die ervaring soms missen. Zij denken dan te makkelijk over verschuivingen: ‘vandaag kan ik niet, maar woensdag wel’. Ja, dat is mooi, maar woensdag kan de klas niet… Dat soort situaties.”

”Ik ben altijd met mensen bezig geweest,
ook in mijn carrière als commandant van 150 man.”

Wat is zo aantrekkelijk aan jouw carrièreswitch naar roostermaker?

“Je bent als roostermaker de spin in het web, met een heleboel partijen. Wat ik leuk vind is om tot een zo optimaal mogelijk rooster te komen. Het is een beetje als Rummikub spelen. Je moet uit kunnen. Hoe? Dat weten we nog even niet, maar als ik hier wat ga schuiven, wat gebeurt er dan daar? Met hulp van het huidige roosterprogramma Xedule komt daar dan een zo optimaal mogelijk resultaat uit.”

Na zijn opleiding bij Omix is Martin eerst op detacheringsbasis terecht gekomen bij Fontys. Momenteel is hij daar in dienst als roostermaker voor Fontys Hogeschool Kind en Educatie (FHKE) voor de locaties Tilburg, Eindhoven en Venlo. “In totaal verzorg ik voor zo’n 45 verschillende klassen de roosters, verdeeld over drie tot vier jaren.” Tijdens zijnkennismakingsgesprek was ook de projectleider van POIM, het project Plannen van Onderwijs, Inzet en Middelen, waar Fontys twee jaar geleden mee is gestart, aangeschoven. “Hij had acuut handjes nodig en POIM wilde mij dan ook gelijk hebben als roostermaker. Ik heb voor verschillende locaties roosteropdrachten uitgevoerd.” 

“Toen het einde van het studiejaar 2019-2020 in zicht kwam, ben ik gevraagd om met twee andere roostermakers een rooster op te zetten voor het centraal afnemen van de eindtoetsen. Dit was samen met Paula Verschoof – Dun en Marit Nieuwboer, allebei ook Omix-ers. Dus dat werd een actie van de Drie Musketiers, zeg maar. Tijdens de coronacrisis hebben we vanuit POIM dat project opgepakt en zijn we gaan werken met externe ruimtes zoals het Klokgebouw in Eindhoven. Zij hadden vier zalen ter beschikking waarin we in iedere zaal 100 mensen kwijt konden. Dan kun je de eindtoetsen centraal en tegelijk afnemen.”

Per september 2020 is Martin nu formeel in dienst van Fontys en Omix-er af. “Er wordt nu alweer gesproken over de mogelijkheid om de eindtoetsen van dit schooljaar wederom centraal te coördineren. De coronamaatregelen zijn nog niet anders dan vorig jaar. Dus waarschijnlijk moeten ze weer op zoek naar grotere ruimtes. Maar voor die speciale klus ben ik dit keer niet gevraagd, althans nog niet.”

Docenten kijken met veel respect naar jullie werk, maar zullen jullie niet benijden. Corona kent geen genade voor de roostermaker. Hoe ervaar jij dat?

“Bij het roosteren van lessen die volledig online zijn valt de component ruimtes inplannen weg, dat maakt het roosteren aan de ene kant makkelijker. Echter is de behoefte aan lessen op locatie er wel en ook een noodzaak voor bepaalde vakken. Dan is het een uitdaging inderdaad. Roosteren tijdens corona is als voetballen in de Champions League, hierin is het volledige afstandsrooster dan de rust. De faciliteiten waar je onder normale omstandigheden een klas prima kwijt kunt, zijn nu ineens niet meer toereikend. In plaats van 24 kun je nu maximaal 10 studenten kwijt in een ruimte. En als je dan een groep hebt van 15 betekent dat dus ineens een ruimte erbij plannen. In het rooster is dat een verdubbeling van de faciliteiten en die zijn er vaak niet.”

“Je moet creatiever worden. Afspraken gaan maken met andere instituten en roostermakers in hetzelfde gebouw en elkaar ruimtes gaan gebruiken. Dat regelen we allemaal in Xedule, alle instituten kunnen in dat systeem. Tijdens corona is het onderling afstemmen wel wat lastiger. Thuiswerken op afstand is weliswaar goed te doen, maar het is niet waarom ik roostermaker ben geworden. Het mooie is wel dat de gedachte achter POIM, een versterkte onderlinge samenwerking, nu gelijk ingezet wordt. Het delen van onze middelen, dus leegstaande lokalen aanbieden aan andere instituten, is nu meer dan ooit een noodzaak en daar sluit het project POIM naadloos op aan.